Home>Schoolgids>3. Ons onderwijs>Organisatie onderwijs

Organisatie onderwijs

Algemene visie
Uitgaande van de zeven voorwaarden voor een goed kinderleven willen wij kinderen helpen bij het zich ontwikkelen tot een volwaardige volwassene. Om dit te bereiken doen wij het volgende:

  • Wij creëren een leeromgeving waarin kinderen zich veilig voelen
  • Wij creëren een leeromgeving en bieden leerstof aan die kinderen nieuwsgierig maken om te ontdekken.
  • Wij creëren een leefwereld waarin een goede afwisseling zit tussen doen en denken
  • Wij creëren een leeromgeving waarin veel momenten zitten van gezamenlijkheid
  • Wij creëren een leeromgeving die autonomie bevorderend is: kinderen een gevoel van competentie gunnen en geven.
  • Wij creëren een leefwereld waarin ruimte is voor ieders uniciteit.

Op cognitief niveau

  • Wij maken gebruik van een leerlingvolgsysteem en methodegebonden toetsen. Na signalering, analyse en diagnose wordt indien nodig een handelingsplan opgesteld en uitgevoerd. Het onderwijsaanbod wordt zo nodig aan het kind aangepast.
  • Wij hanteren protocollen en leerlijnen
  • Wij werken met een weektaak.
  • Wij geven voorinstructie en/of verlengde instructie.
  • Wij laten de kinderen voor een groot deel de opdrachten zelfstandig verwerken.
  • Kinderen die uitvallen met de gan bare methode krijgen in kleine groepen extra uitleg, of een andere methode aangeboden.
  • Wij hanteren het protocol dyslexie van groep 1 t/m 8.

Op sociaal emotioneel niveau

  • Wij werken met positief gestelde regels en bieden zo structuur
  • Wij dagen kinderen uit tot zelf ontdekken.
  • Wij geven de Kanjertraining in groep 1 t/m 8 en hanteren de basisregels en afspraken.
  • Wij hebben hoge positieve verwachtingen van kinderen.
  • Wij geven kinderen complimenten.
  • Wij bouwen een vertrouwensrelatie op als basis voor de ontwikkeling. Door samenwerking ontwikkelen kinderen oplossingsgericht gedrag t.o.v. elkaar en zijn zo op elkaar aangewezen.

De school werkt in alle vak- en vormingsgebieden met methoden. Deze methoden hebben een klassikale opzet en bieden veel mogelijkheden tot zelfstandig werken en bepalen op die manier onze schoolorganisatie. Kinderen van eenzelfde leeftijd zitten meestal in dezelfde groep. Natuurlijk wordt er naar gestreefd het onderwijs zoveel mogelijk te laten aansluiten bij het niveau van de individuele leerling.

Visie op onderwijs
In de vorige eeuw stond kennisoverdracht centraal en werd via remediërende aanpak geprobeerd die kennis alsnog aan te leren. In de didactiek stond de leerkracht als kennisoverdrager centraal en moest de leerling vooral de leerkracht proberen te volgen. Van de leerkracht in de huidige eeuw wordt ver- wacht dat deze probleemoplossend kan denken, flexibel en autonoom is. Kennis is geen doel meer, maar de didactiek zal meer gericht zijn op het leren zelf: leren leren. De essentie van goed onderwijs is dan ook dat de leerlingen hun vermogens zo goed mogelijk kunnen aanspreken en ontwikkelen. Daarbij staan een goede relatie, autonomie en competentie centraal, zowel bij leerkracht als leerling. De leerkracht zal moeten afstemmen op de leerling zelf.

Groepssamenstelling
Elk schooljaar wordt opnieuw bekeken hoe we de groepen samenstellen. In principe proberen we de onderbouwgroepen zo klein mogelijk te houden. Dit omdat we de kinderen in de onderbouwgroepen goed willen volgen en zo vroeg mogelijk problemen willen onderkennen.

Groep 1 en 2
Het werken in groep  1 en 2 gebeurt vanuit de kring. Hier begint de schooldag en hierin keren de kinderen ook steeds weer terug. Daarnaast wordt gespeeld en gewerkt aan tafels, in hoeken, in de speelzaal en op het schoolplein. We werken met de methode Onderbouwd. De meeste vormingsgebieden komen in samenhang aan de orde aan de hand van een bepaald thema (bijv. de postbode, herfst, de winkel enz.). De belangrijkste vormingsgebieden zijn:

  1. Taalontwikkeling: mondeling taalgebruik, begrijpen van taal, ordenen en leesvoorbereiding.
  2. Motorische ontwikkeling: grove en fijne motoriek en voorbereidend schrijven.
  3. Zintuiglijke ontwikkeling: visuele en auditieve waarneming, tast-, reuk- en smaakwaarneming.
  4. Oriëntatie in tijd en ruimte: tijd, ruimte en ruimtelijk relaties.
  5. Rekenontwikkeling; ordenen, inzicht in hoeveelheden, symbolen en maten.
  6. Sociaal-emotionele ontwikkeling: het leren omgaan met regels en afspraken met anderen, leren    samenwerken, zelfredzaamheid, sociale weerbaarheid enz.

De verschillende vormingsgebieden kun je in de dagelijkse praktijk nauwelijks onderscheiden: Wie in de poppenhoek speelt is ook bezig met taalontwikkeling, wie met een lotto speelt leert ook getallen of kleuren en wie op een vel de golven van de zee tekent, is bezig met voorbereidend schrijven. In groep  1 en 2 besteden we aandacht aan de lees- en rekenvoorwaarden. Leerlingen die daaraan toe zijn leren spelenderwijs met letters, woorden, cijfers en hoeveelheden omgaan.

Via het protocol dyslexie worden alle leerlingen vanaf groep 1 gescreend, zodat vroegtijdig onderkend wordt of er eventueel sprake is van een vorm van dyslexie, zodat hier tijdig aandacht aan kan worden besteed.

Groep 3 t/m 8
De vakken taal, lezen, rekenen en schrijven vormen de kern van ons onderwijs. Het zijn basisvaardigheden. Daarom legt onze school veel nadruk op deze vakken.